Meerssens Mannenkoor
donderdag, 16 augustus 2018

Mart Canna

Mart_CannaEen vrolijke bard.
Door een deur die duidelijk berekend is op lange mensen betreed ik het huis dat Mart Canna in 1965 samen met zijn schoonvader en zwager zelf heeft gebouwd. Mart, oudste van vijf kinderen, werd op 11 juli 1941 in Maastricht geboren als zoon van een vader uit Rothem en een moeder uit Maastricht. In 1944 besloten pa en ma Canna te verhuizen en op paard en wagen werd de huisraad naar Rothem getransporteerd. Daar ging Mart naar school en op zijn tiende werd hij ingelijfd bij de Krölkes. Zingen vond hij leuk. Dat had hij waarschijnlijk van zijn moeder, die als dochter van een Waalse, graag en vaak Franstalige liedjes zong. Zijn vader, boekhouder bij de krant aan de Wolfstraat, zong niet.
Wel kregen Mart, en zijn jongere broer Piet (over wie een volgende keer wat meer) nog andere muzikale vorming: Mart citerles en Piet viool. Drie keer ging Mart met de Krölkes op traditioneel zomerkamp, telkens een paar weken, naar Leuven. Mart bewaart levendige herinneringen aan de bezoeken aan het Congo museum in Tervuren en aan Brussel. En natuurlijk maakte hij de talrijke optredens mee. Totdat, hij zat inmiddels op de MULO, zijn stem brak en zijn zangersloopbaan voor lange tijd werd onderbroken.

Mart voltooide de MULO en besloot in opleiding te gaan als mijnopzichter, een opleiding van vijf jaar bij de mijn Emma, het 1e jaar bovengronds, het 2e jaar ondergronds en vervolgens 3 jaar opleiding aan de Mijnschool, hetgeen 3 dagen in de Mijnschoolbanken en 2 dagen ondergronds per week betekende. Mart heeft die opleiding niet afgemaakt, maar hij heeft daar wel geleerd wat kameraadschap en wat hard werken is. En hij verdiende in die periode erg goed, bijna twee keer zoveel als zijn vader. Maar de familie vond een loopbaan als mijnopzichter maar niks.
Dus moest Mart zijn dienstplicht gaan vervullen en werd Limburgse Jager, eerst in Venlo, vervolgens als scherpschutter bij het schietteam in Roermond en vervolgens eerst 6 weken naar het vaak steenkoude Hohne en daarna naar de legerplaats Oirschot. In die tijd leerde hij ook zijn Truus kennen.

Afgezwaaid uit de dienst vond hij vervolgens een baan als calculator bij Wagemans en Van Tuinen, later veel beter bekend als Artifort, waar hij 32 jaar heeft gewerkt . Aan vele grote projecten heeft hij in die jaren meegewerkt. De Tweede Kamer, bijvoorbeeld, en de werkkamer van de Koningin. Maar ook tal van grote vliegvelden zoals Schiphol, Newark, Lima en Damascus. En ook niet vergeten is die sjeik die om de paar jaar 200 verse matrassen geleverd kreeg!
In 1966 traden Mart en Truus in het huwelijk en hebben samen 3 zonen op de wereld gezet.

Van zingen kwam al die jaren niks, want naast zijn baan was Mart nog op tal van andere fronten actief, en telkens als penningmeester. Het lijstje is indrukwekkend: 29 jaar bij de Scouting, ruim 11 jaar bij de Aanhawwersj, nadat hij Prins was geweest, ook een paar jaar centewiekser bij de Awd Prinse, 12 jaar bij de Badmintonclub Meerssen, 12 jaar bij de buurtvereniging ’t Pleintje en bij Artifort ook nog eens een jaar of acht bij de personeelsvereniging.

Op een gegeven moment vroeg Willy Smeets Mart eens om te komen zingen, maar Mart hapte nog niet toe. Dat werd anders toen hij op een maandag na de optocht met broer Piet en Hub Leerssen bij De Keizer belandde en hij weer helemaal het gevoel en de smaak van de edele samenzang te pakken kreeg. En nu is hij al weer ruim 4 jaar met veel plezier lid van ons koor. Hij vindt de stemvorming door Hub Delamboye een zeer waardevolle toevoeging aan de kooractiviteiten. Het repertoire zou hij graag nog eens wat uitgebreid zien met enige Franse en Russische liederen. Ook ontfutsel ik Mart de belofte dat hij zijn best zal doen ook een nieuw lid voor ons koor te werven.

Tenslotte filosoferen we nog even over zijn achternaam. Raadpleging van een achternamen website leert dat er in heel Nederland 26 mensen met de achternaam Canna zijn, waarvan de helft in Meerssen woont. Ik vraag me af of hij zijn bloemrijke naam misschien te danken heeft aan een Spaanse soldaat die in subtropische bloemen of hasj (cannabis) handelde, maar volgens Mart is dat niet aannemelijk. Wel komen er een paar Zouaven en ook enige Bokkenrijders onder zijn voorvaderen voor. Ik neem me voor om dit thema nog eens wat verder uit te diepen met zijn broer Piet.

Ga terug ...